Wijnvocabulaire

Barrique klein eikenhouten vat waarin men rode wijn laat rijpen; het ‘getoaste’ eikenhout geeft de wijn een bijzonder aroma.

Het karakter beschrijft de geur en de smaak van een wijn aan de hand van typische eigenschappen, die o.a. bepaald worden door de druivensoort en het gebied van herkomst.

Dégustation wijnproeverij

IJswijn wijn van zeer rijpe druiven met een hoog Oechsle-gehalte, die in bevroren toestand worden geoogst en geperst.

Hochgewächs benaming voor een kwaliteitswijn die is gemaakt van Rieslingdruiven, waarvan de most een ten minste 1,5% vol. hoger natuurlijk alcoholgehalte heeft als wettelijk voor de wijnstreek is vastgelegd.

Duurzame wijnbouw omvat alle maatregelen voor een milieuvriendelijke wijnbouw en wijncultuur.

Jungwein is wijn uit de laatste of voorlaatste persing, te vergelijken met de Franse beaujolais primeur.

Keltern is het persen van de druiven tot most.

Lage zo noemt men het perceel op de wijnberg dat bij het kadaster staat ingeschreven en meestal is voorzien van de traditionele naam van de wijngaard.

Mousserende wijn een bruisende wijn met veel koolzuur.

Nagisting dit is bij wijn de laatste fase van de gisting die vrij rustig verloopt. De meest voorkomende variant is de biologische afbouw van zuren. Dit natuurlijke proces wordt in Duitsland vooral bij rode wijn en gedeeltelijk ook bij de witter Burgundersoorten toegepast. De wijn wordt hierdoor milder en ronder van smaak.

Oechsle is de maateenheid voor het mostgewicht, een maat voor het gehalte aan opgeloste stoffen – meestal suiker – in de druivenmost en een belangrijk kwaliteitscriterium voor de wijn. Het suikergehalte bepaalt het latere potentiële alcoholgehalte van de wijn. Een typische droge wijn heeft een mostgewicht van 83 tot 104 Oechsle.

Fenologie is het onderzoek naar de samenhang van klimaatverschijnselen en de ontwikkeling van de druiven gedurende het jaar.

Qualitätswein bestimmter Anbaugebiete - QbA (kwaliteitswijn uit bepaalde wijnbouwgebieden): deze wijn moet zijn gemaakt van bepaalde voorgeschreven druivensoorten uit een van de wijnbouwgebieden. Op het etiket staat een ambtelijk controlenummer vermeld en naast de druivensoort en het wijnbouwgebied kunnen ook de naam van de Großlage (herkomstgebied in de ruimere zin van het woord), de Einzellage (de wijngaard), de gemeente of deelgemeente zijn vermeld. Een QbA-wijn die geperst is uit typische druivensoorten uit de streek mag ook kwaliteitswijn van gewaarborgde herkomst QgU (Qualitätswein garantierten Ursprungs) worden genoemd.

Druifluis bladluizensoort uit de familie Phylloxeridae. Er zijn twee soorten druifluizen: met lange en met korte tasters. Deze beestjes met hun misschien grappig klinkende naam zijn een ramp voor iedere druivenplant: de druifluis leeft namelijk op de bladeren en de wortels. Ze zuigt aan de bladeren en boort gaatjes in de wortels, wat woekeringen veroorzaakt. De plant kan geen voedingsstoffen meer opnemen en sterft.

Selectie een must bij de productie van topwijnen! Dat begint al bij de keuze van de wijnstokken: alleen de beste en de meest geschikte wijnstokken voor het wijnbouwgebied worden geplant. Op de wijnberg wordt bij het uitdunnen en het oogsten nauwkeurig gelet op de hoge kwaliteit van de druiven. En natuurlijk worden onrijpe en rotte vruchten ook bij het persen uitgesorteerd.